Wikia


Pbr 6.jpg

PBR's waren snelle rivierpatrouilleboten met weinig diepgang en waren bijzonder snel.

De rol van de Amerikaanse marine bij de Vietnamoorlog begon in augustus 1964, maar het duurde nog een jaar voordat de rivieroperaties van de Brown Water Navy echt begonnen, met als doel het stoppen van de aanvoer van voedsel, munitie, andere voorraden en versterkingen voor de Vietcong. In een groot deel van Vietnam vormden de rivieren en hun mondingen de enige transportwegen. In augustus 1965 werd Operation Market Time voor kustsurveillance toevertrouwd aan taakeenheid 115, maar het werd al snel duidelijk dat de operatie moest worden uitgebreid naar de rivieren, want daar had de Vietcong nog steeds vrij spel. In december 1965 werd een nieuwe rivierpatrouillemacht, met de codenaam Game Waeden, opgericht als taakeenheid 116. In oktober 1967
Vietnam War22.jpg

Een ASPB (Alpha 92-1) werden gebruikt ter ondersteuning van aanvallen.

kregen de patrouilles van 'Game Waeden' versterking van de Sea Wolves van het eerste helikoptereskader, dat vloog met Bell UH-1 Huey-grondsteunhelikopters. Ze vormden een dodelijke combinatie met de 40 rivierpatrouilleboten in de Rung Sat en 80 in de Mekongdelta. In februari 1969 werd vrijwel de hele riviermacht (242 vaartuigen van 'Game Warden en 'Market Time') overgedragen aan de Zuid-Vietnamese marine, in een te ambitieuze en overhaaste poging de oorlogsinspanning te 'Vietnamiseren'. De Mobile Riverine Force werd formeel ontbonden in augustus 1969, en daarvoor in de plaats kwam SEALORDS (Zuidoost-Aziatische Meer/Oceaan/Rivierdelta Strategie), een indrukwekkende
Atc2.jpg

Een ATC (Tango 2), deze werden ingezet voor troepenaanvoer.

naam voor een geleidelijk verzwakkende macht.Dit maakte geen eind aan de oorlogvoering op rivieren, want in april 1970 opende de Zuid-Vietnamese legerleiding de aanval op de Vietcong-toevluchtsoorden in Cambodja. Het was voor deze operatie essentieel de rivier de Mekong open te houden, Die van Phnom Penh in Cambodja naar Vietnam stroomt. In mei lukte het Cambodjaanse troepen niet de Mekong te ontsluiten, maar een smaldeel met Zuid-Vietnamese schepen wist een opening te forceren. Toen het grondoffensief eindigde, werd het behoud van de rivierroute nog belangrijker voor de evacuatie van een groot aantal mensen.

De 'Game Wardens' patrouilleerden in RungSat, een moerasgebied tussen Saigon en de zee, alsook in de Mekongdelta. Er werden speciale rivierpatrouilleboten uit glasvezel gebouwd, en een aantal oude ex-Franse landingsvaartuigen werd ingezet. Moderne vaartuigen werden aangepast tot riviermonitors, en men begon met de bouw van aanvalsboten met een stalen romp en indrukwekkend geschut, waaronder 81-mm mortieren, 20-mm kanons en vlammenwerpers.

Bij een rivieroperatie werden veelal drijvende barakken en voorraadsloepen gebruikt, bekend als de Mobile Afloat Force (MAF) en beschermd, op hun ankerplaats, door patrouilleboten ter ondersteuning van aanvallen (ASPB's) en monitors. Dit werd de Mobile Riverine Base (MRB). De MAF opereerde doorgaans tot 48 km van een hoofdbasis. De ASPB's moesten voorkomen dat de Vietcong zich terugtrok via het water, waarbij dekkingsvuur kon worden ingeroepen van de Fire Support Base, vliegtuigen en helikopters. Bepantserde troepentransporten (ATC's) brachten aanvalstroepen aan land, terwijl Amerikaanse troepen aan de landzijde de terugtrekking van de communisten moesten voorkomen.

De gezamelijke taakeenheden die de Amerikaanse marine en het leger oprichten voor de rivieroorlog waren afgeleid van rivieraanvalseskaders, met speciale aanvalsvaartuigen hoofdzakelijk gebaseerd op het LCM-6-landingsvaartuig. De eskaders bestonden uit 52 ATC's, vijf CCB's (commando- en controleboten), tien dekkingsvuur verlenende Monitors (MON's) en twee ATC's voor het bijtanken van boten.

Ze hadden ook 32 ASPB's, de enige vaartuigen die speciaal voor rivieroorlogvoering waren ontworpen. De ASPB werd tijdens 1967-1968 in twee versies gebouwd, met een gelaste stalen romp, een opbouw van aluminiumlegering en geluidsdemping voor de motoren met uitlaten onder water. De ASPB's, normaliter gebruikt om aanvalsmachten te leiden waarbij ze voorop voeren met een ketting tegen riviermijnen, werden ook ingezet als escorte- en patrouilleboot of tegen hinderlagen. Ze werden op rivieren ook gebruikt als mijnenvegeren commandoboot. Het standaardgeschut bestond uit een 20-mm kanon in een voorkoepel, een 12,7-mm dubbelloops-machinegeweer in een achterkoepel boven de commandopost, twee 7,62-mm machinegeweren in twee koepels net voor de 12,7-mm koepel, en twee 40-mm mortieren; sommige boten hadden een 81-mm mortier en 12,7-mm machinegeweer op een onbedekt kuildek achter.

De monitors waren aangepaste LCM6's of speciaal gebouwde MON Mk-V's, die vooral verschilden door hun ronde boeg in plaats van de boegklep van landingsvaartuigen. Het geschut varieerde, maar bestond meestal uit een 40-mm kanon in een pantserkoepel voor, een 20-mm kanon in een kleine achterkoepel boven de commandopost, twee 12,7-mm machinegeweren in dezelfde bak- en stuurboordkoepels, een 81-mm mortier of twee vlammenwerpers op het kuildek achter de commandopost en voorste koepel, en ruimte aan beide boorden voor klein geschut. De MON had scherm- en staafbescherming tegen holle kopladingen van raketten en terugstootloos geweervuur.

De CCB was een aangepaste MON, waarbij de mortier op het kuildek was vervangen door een modulaire commando- en communicatiefaciliteit. Het geschut bestond uit de boegkoepel met een 20- of 40-mm kanon, de achterkoepel met een 12,7-mm- en de twee andere koepels met elk een 7,62-mm machinegeweer; sommige boten hadden een 60-mm mortier. Alternatief geschut bestond uit drie 20-mm kanons in enkelloopskoepels, twee 7,62-mm machinegeweren en twee 40-mm granaatwerpers. Net als de MON kon de CCB uitgeschakelde vaartuigen op sleeptouw nemen.

De ATC, die een peloton van 40 volledig uitgeruste infanteristen kon vervoeren, was een aangepaste LCM6 met een pantser van staven op de romp en opbouw en kogelvrije schermen boven het troepen- en vrachtdek. Een paar ATC's werden ook uitgerust met een helikopter platform, in plaats van de schermen, om dienst te doen als medische hulpposten voor de evacuatie van gewonden; en sommige hadden een tank met 4540 liter diesel op het vrachtdek voor het bijtanken van andere boten. De CSB (Combat Salvage Boat), beperkt in aantal, was ook een belangrijke variant op de LCM6.

Het aantal boottypes dat is gebouwd of aangepast voor rivieroorlogvoering is niet exact bekend, maar minstens negen CCB's, 84 ASPB's, 42 MON Mk-V's, 22 aangepaste MON's, 100 ATC's en vier CSB's werden in de jaren zestig en begin jaren zeventig overgebracht naar Zuid-Vietnam. Er gingen er veel verloren in de strijd en de rest werd afgedankt.

Brown Water Navy P1

Part 2

Part 3

Part 4

Rivervet

Ad blocker interference detected!


Wikia is a free-to-use site that makes money from advertising. We have a modified experience for viewers using ad blockers

Wikia is not accessible if you’ve made further modifications. Remove the custom ad blocker rule(s) and the page will load as expected.

Around Wikia's network

Random Wiki