Wikia


Capitani Romani

De Scipio Africano was de enige die daadwerkelijk in actie kwam tijdens Wereldoorlog II.

Het Britse concept van kleine kruisers zoals die ingezet werden in de Eerste Wereldoorlog werd nagevolgd door de Japanners in de jaren twintig van de vorige eeuw. Maar daarna lagen de ontwikkelingen op dit gebied een jaar of tien stil, totdat de Fransen hun Mogador klasse schiepen.

Super-destroyersEdit

Schepen van de Mogador klasse leken erg op super-destroyers en waren dat in feite ook. Desondanks hadden ze een grotere vuurkracht dan lichte kruisers zoals die van de Britse Dido klasse, hoewel ze bij volle belading amper aan 4000 ton waterverplaatsing kwamen. Met hun vermogen van 68.600 kW (92.000 pk) konden ze bovendien een snelheid van 74 km/u (40 knp) ontwikkelen. De Italianen waren onder de indruk van de Franse Mogador klasse en voelden zich kwetsbaar bij operaties in de Middellanse Zee. Daarom handelden ze voortvarend en legden binnen 6 maanden de kielen van maar liefst 12 lichte kruisers van een nieuw type, de Capitazni Romani klasse. Ten gevolge van Italië's zwalkende koers in de oorlog werden hier overigens maar vier van voltooid.

De 'Capitani Romani' kruisers waren krap 5 meter langer dan de schepen van de Mogador klasse, maar ze zagen er echt als kleine kruisers uit. Dankzij de iets forsere afmetingen konden ze machines herbergen die een verbluffende 93.250 kW (125.000 pk) ontwikkelden. Dat deed niet onder voor het vermogen van zware kruisers van de Amerikaanse Salem klasse en die hadden vier maal zoveel waterverplaatsing. Dankzij deze krachtige motoren ontwikkelden de Italiaanse schepen een snelheid van 43 knp (80 km/u), en hadden dan ook nog eens een respectabele batterij geschut ter beschikking, alsmede acht torpedobuizen en mijnen, de laatste vermoedelijk alleen als niet met volle belading werd gevaren. Daar stond tegenover dat deze schepen nauwelijks gepantserd waren. De schepen van deze klasse hadden ronkende Romeinse namen, maar elke commandant van een escorte-eskader maakte zich grote zorgen over die gebrekkige bepantsering. Vier stuks werden vernietigd terwijl ze nog op stapel stonden, vijf stuks werden door verschillende oorzaken tot zinken gebracht terwijl ze nog werden uitgerust en slechts drie werden in 1942-1943 afgebouwd. Eén van de andere exemplaren werd alsnog gered en afgebouwd, zodat een klasse van vier schepen ontstond: de Attilio Regolo, de Pompeo Magno, de Giulio Germanico en de Scipione Africano.

Een tweetal van deze schepen diende na de oorlog in de Franse vloot, de andere twee in de Italiaanse. Van de Italiaanse schepen diende de San Giorgio (voorheen de Giulio Germanico) tot 1971, zij het met nieuwe motoren. Geen van de vier schepen behield zijn oorspronkelijke bewapening. Uit logistieke overwegingen werd gekozen voor Amerikaans 5-inch (127-mm) L/38 geschut in de Italiaanse schepen en voor voormalig Duitse 4,13-inch (105-mm) vuurmonden op de Franse oorlogsbodems.

In actieEdit

Enkel de Scipione Africano was tijdens de Tweede Wereldoorlog actief. Tijdens de nacht van 17 juli 1943 detecteerde ze, terwijl ze met hoge snelheid door de Straat van Messina voer,  vier Britse Elco MTB's. Ze bracht MTB 316 tot zinken en bracht zware schade toe aan MTB 313 tussen Reggio di Calabria en Pellaro op positie 38°3'20.20"N - 15°35'28.35"O. Tijdens deze actie verloren er een dozijn Britse zeelieden het leven.

Attilio Regolo werd getorpedeerd door HMS Unruffled op 7 november 1942, en verbleef verschillende maanden in een droogdok met een verbrijzelde boeg. Ze werd, na de Italiaanse capitulatie, geinterneerd in de haven van Maó, op het Spaanse eiland Minorca.

De schepenEdit

Vier schepen werden verschroot voordat ze werden afgebouwd. Vijf werden er door de Duitsers in beslag genomen in september 1943, deze waren nog in aanbouw, alle vijf werden ze tot zinken gebracht in de haven, later werd er een gelicht en afgebouwd. Drie werden er afgebouwd vóór de Italiaanse capitulatie.

  • Attilio Regolo: Genoemd naar Marcus Atilius Regulus, gebouwd door OTO Livorno en afgebouwd in mei 1942. In dienst genomen in augustus 1942 als mijnenlegger. Zwaar beschadigd door een torpedo in november 1942. In 1948 door Frankrijk in dienst genomen als Châteaurenault.
  • Caio Mario: Genoemd naar Gaius Marius, begonnen met bouwen door OTO Livorno op 17 augustus 1941. Door de Duitsers in beslag genomen, enkel de romp was compleet en gebruikt als drijvende olietank, verschroot in 1944.
  • Claudio Druso: Genoemd naar Nero Claudius Drusus, gebouwd bij CdT Riva Trigoso en later geannuleerd in 1940. Verschroot in 1941-1942.
  • Claudio Tiberio: Genoemd naar Keizer Tiberius, gebouwd bij OTO Livorno en later geannuleerd in juni 1940. Verschroot in 1941-1942.
  • Cornelio Silla: Genoemd naar Lucius Cornelius Sulla, gebouwd door Ansaldo te Genua. Begonnen met de afbouw in juni 1941, maar tijdens de afbouw in beslag genomen door de Duitsers en nooit afgebouwd. Tot zinken gebracht tijdens een luchtaanval in juli 1944.
  • Giulio Germanico: Genoemd naar Germanicus, gebouwd door Castellamare Shipyard, voor afbouw geleverd in juni 1941. Bijna compleet afgebouwd in beslag genomen door de Duitsers te Castellammare di Stabia en tot zinken gebracht op 28 september 1943. Later na de oorlog door de Italianen gelicht en afgebouwd, terug in dienst gesteld als destroyer 'San Marco', in 1971 uit dienst genomen.
  • Ottaviano Augusto: Genoemd naar Keizer Augustus, gebouwd door CNR Ancona, voor afbouw geleverd in 1942. Door de Duitsers in beslag genomen toen het schip bijna was afgebouwd, tot zinken gebracht tijdens een luchtaanval op 1 november 1943.
  • Paolo Emilio: Genoemd naar Lucius Aemilius Paulus Macedonicus. De bouw werd gestart bij Ansaldo in Genua maar geannuleerd en later verschroot.
  • Pompeo Magno: Genoemd naar Gnaeus Pompeius Magnus. Gebouwd ddor CNR Ancona, voor afbouw geleverd in 1941 en volledig afgebouwd. Na de oorlog als destroyer 'San Giorgio' in dienst gesteld tot 1963, in 1965 werd het een trainingsschip, uit dienst in 1980 en verschroot.
  • Scipione Africano: Genoemd naar Scipio Africanus. Gebouwd door OTO Livorno. In 1941 voor afbouw geleverd en afgebouwd in 1943. Afgestaan aan Frankrijk in 1948 en als de 'S7' in dienst gesteld, later als 'Guichen', verschroot in 1979.
  • Ulpio Traiano: Genoemd naar Keizer Trajan. Gebouwd door CNR Palermo, voor afbouw geleverd in 1941, niet afgewerkt. Tot zinken gebracht in de haven van Palermo door een Britse bemande torpedo aanval in 1943.
  • Vipsanio Agrippa: Genoemd naar Marcus Vipsanius Agrippa. Gebouwd door CDT Riva Trigoso. De bouw werd gestopt in 1940, verschroot in 1941-1942.
    • de Attilio Regolo en de Scipio Africano werden aan Frankrijk overgedragen als oorlogsbuit. Ze werden respectievelijk als Châteaurenault en Guichen in dienst gesteld. Tussen 1951 en 1954 werden er AA-kanons en vuurcontrole systemen aangebracht. Beiden werden in 1961 uit dienst genomen.
Specificatie: Capitani Romani klasse.
Type: Lichte kruiser.
Afmetingen: Lengte: 142 m ; Breedte: 14,4 m ; Diepgang: 4,1 m.
Waterverplaatsing: Standaard: 3685 ton ; Geladen: 5335 ton.
Voortstuwing: 2x stoomturbines van 82.015 kW (110.000 pk), twee schroefassen.
Snelheid: 43 knp (80 km/u).
Bewapening: 8x 135-mm kanons, 8x 37-mm kanons, 8x 20-mm kanons, 8x 533-mm torpedobuizen, 70 mijnen.
Bemanning: 418
Gebruiker(s): Italië, Frankrijk.

Ad blocker interference detected!


Wikia is a free-to-use site that makes money from advertising. We have a modified experience for viewers using ad blockers

Wikia is not accessible if you’ve made further modifications. Remove the custom ad blocker rule(s) and the page will load as expected.

Around Wikia's network

Random Wiki