Wikia


Churchill AVRE
Cavre

Churchill AVRE Mk IV

Type Gepantserd genievoertuig
Land van herkomst Groot-Brittannië
Bouwfirma Vauxhall Motors Ltd
Ontwerp Harland & Wolff Ltd
Productie (ontwerp / productie / in dienst)
Gebruiker(s)
Specificatie

Afmetingen (lengte / breedte / hoogte) 7,67 m. / 3,25 m. / 2,79 m.
Gewicht 38 ton
Motor(en) Bedford Twin-Six vloeistofgekoelde benzinemotor van 261 kW (350 pk.)
Prestaties (snelheid / bereik) 24,9 km/u / 193 km.
Bewapening 290-mm Petard spigot mortier, 2x 7.92-mm Besa machinegeweren
Doorwaaddiepte 1,02 m.
Hellingshoek
Verticaal obstakel 0,76 m.
Overschrijdend vermogen 3,05 m.
Bemanning 6
Gebouwd 754
Gebruik (Landen)

Een van de lessen die uit de Dieppe-raid van 1942 getrokken werden, was dat de Canadese genisten geen kans zagen om het strand van mijnen en obstakels te ontdoen omdat ze geen enkele dekking tegen vijandelijk vuur hadden. Na de raid stelde een Canadese genie-officier voor om een tank om te bouwen tot pantsergenievoertuig zodat genisten een zekere bescherming hadden bij hun werk. Ook kon de tank springladingen meevoeren en plaatsen.

Het idee werd aanvaard en na enig beraad werd de Infanterie Tank Mk IV Churchill gekozen om te worden omgebouwd. Die taak bestond voornamelijk uit het verwijderen van het interieur en de hoofdbewapening en het opnieuw inrichten van de tank met materieel en gereedschappen die de genie nodig zou hebben, zoals springladingen en mijnen. Het hoofdgeschut in de koepel werd vervangen door een zogenaamde Petard. Dit was een springlading van 290 mm lang, die door de bemanning ook wel 'Flying Dustbin' (vliegend vuilnisblik) werd genoemd vanwege zijn vorm. De Petard-lading woog 18,14 kg, had een bereik van 73 m. en was bedoeld voor het slopen van constructies zoals pillendoos-bunkers en gebouwen. De Petard kon van binnenuit worden herladen.

De Churchill-versie werd aangeduid als de Churchill AVRE en werd al spoedig standaard materieel voor de pantsergenie van eenheden als de 79th Armoured Division en de aanvalsbrigades. De AVRE bood bescherming en kon tal van verschillende voorzieningen meevoeren.

De Churchill versies die tot AVRE werden omgebouwd, waren de Mk III en de Mk IV. Veel van de conversies werden als kit geleverd, andere werden al in de fabriek uitgevoerd en weer andere waren het werk van de REME-werkplaatsen (Royal Elextrical en Mechanical Engineers). Bij het ombouwwerk werden beugels aan de zijkanten aangebracht, waaraan allerhande apparatuur kon worden bevestigd. Aan een trekhaak kon een speciale AVRE-slede worden meegesleept waarop voorraden konden worden vervoerd.

De AVRE's werden voor het eerst op grote schaal gebruikt bij de landingen in Normandië van juni 1944. Ze bleken dermate goed te voldoen dat AVRE's nog steeds worden gebruikt. De Churchill AVRE bleef tot eind jaren vijftig operationeel. Ze werden gebruikt voor het leggen van fascine, het uitrollen van matten over zachte grond. Het vernietigen van obstakels met hun Petardmortieren, het naar de frontlinie vervoeren van geniematerieel, het plaatsen van springladingen en tal van andere nuttige taken. Misschien was een van de belangrijkste taken op lange termijn van de Churchill AVRE te bewijzen dat pantsergenievoertuigen een onmisbaar element waren bij elke actie van een grotere tankformatie. Een belangrijke naoorlogse ontwikkeling van de Churchill AVRE was de vervanging van de 'Flying Dustbin'-mortier door een speciaal ontwikkeld 165-mm kanon dat een HESH-lading van 27,2 kg kon afvuren waartegen zelfs het dikste beton niet bestand was. Dit kanon was niet alleen nauwkeuriger dan de 'Dustbin', maar kon ook van binnenuit worden geladen. Begin jaren vijftig werden ongeveer dertien Churchill AVRE's uitgerust met het nieuwe kanon. Ze deden tot 1962 dienst en werden vervangen door Centurion AVRE's die hetzelfde 165-mm sloopgeschut gebruikten.

Links