Wikia


Flamingo2

Flammpanzer II

FIII

Flammpanzer III

251

SdKfz 251/16 mittlerer Flammenpanzerwagen

In de Tweede Wereldoorlog waren de Duitsers niet erg gebrand op het inzetten van vlammenwerpertanks, ofschoon ze als enig land wel een lichte vlammenwerpertank in dienst hadden. Dat was in 1941, toen na een periode van tests lichte Panzerkampfwagen I werden omgebouwd tot Flammpanzer I, met de vlammenwerpermond van de Flammenpanzer 40 in plaats van één van de mitrailleurs in de koepel. De eerste 'productie'-ombouwexemplaren werden door het Afrika Korps gebruikt.

Dit wapen kreeg al snel een broertje, de Flammpanzer II. Dit was een ombouwversie van de verder nauwelijks gebruikte Panzerkampfwagen II Ausf D of E. Op dit model werden twee vlammenwerpers gemonteerd, één aan elke kant van de rompneus. De vlammenwerpers hadden een bereik van ongeveer 36,5 m. De weinige exemplaren die tot vlammenweper waren omgebouwd deden vooral dienst aan het Oostfront.

De grootste aantallen tot Flammpanzer omgebouwde tanks waren gebaseerd op de Panzerkampfwagen III Ausf H of M. Tenminste honderd stuks daarvan werden omgebouwd en kregen een vlammenkanon in plaats van het tankkanon. Deze tanks konden duizend liter brandstof meevoeren. De Flammpanzer III was zeer effectief, maar schijnt niet veel gebruikt te zijn in gevechten. Dat was vooral te wijten aan het ontbreken van zelfverdediging tegen geallieerde tanks. Als ze in actie kwamen, moesten de Flammpanzer geëscorteerd worden door gewone tanks.

Afgezien van een enkel testexemplaar werden geen Panzerkampfwagen IV tanks tot vlammenwerper omgebouwd. Er waren kennelijk ook plannen om verschillende versies van de Panzerkampfwagen V Panther en Tiger II om te bouwen, maar die zijn voor zover bekend niet gerealiseerd.

In plaats daarvan werd de Flammpanzer 38(t) in 1944 als standaard vlammenwerpertank in productie genomen. Dit kleine voertuig was voor zijn rol zeer geschikt. De romp kwam van de lage en gemakkelijk te camoufleren Jagdpanzer 38 tankjager en die was weer gebaseerd op de verouderde Panzer 38(t) tank. Ook op deze vlammenwerpertanks nam het vlammenkanon de plaats van het tankkanon in, en de binnenruimte werd deels opgeofferd aan meer brandstofcapaciteit.

Ook enkele veroverde tanks werden door de Duitsers omgebouwd tot vlammenwerpers. Een voorbeeld was de grote Char B, een van de Franse tanks die de Duitsers in 1940 veroverden, maar het ging vermoedelijk slechts om 10 stuks.

Een groot deel van de oorlog vertrouwde de Wehrmacht op de SdKfz 251/16 mittlerer Flammpanzerwagen, een halftrack. Deze werd in 1942 voor het eerst ingezet. Het voertuig had twee brandstoftanks met elk 700 liter, genoeg voor 80 vuurstoten van twee seconden. Elke brandstoftank had zijn eigen vuurmond, aan beide zijden van het open voertuig, met een bereik van 35 meter. Sommige exemplaren hadden een derde vuurmond aan de voorkant, maar bij de meeste exemplaren was daar een mitrailleur gemonteerd.

Links