Wikia


Dudochdicht
Toen de eerste slagen van de Eerste Wereldoorlog eenmaal waren uitgebroken, werd ingezien dat het belang van de gevechtskracht van de luchtmacht steeds groter werd. Aanvankelijk werden vliegtuigen vooral voor verkenningen gebruikt, maar weldra begonnen vijandelijke luchtbemanningen naar elkaar te schieten. De jager was geboren.

Wapens en tactiekenEdit

Al voor de Eerste Werldoorlog kwamen verschillende ontwerpen met voorstellen om met een machinegeweer recht vooruit te kunnen schieten zonder de propellerbladen te raken. Dit was uitermate belangrijk; om een vijand neer te kunnen schieten was het noodzakelijk om van achteren te naderen en hierbij het machinegeweer op het doel gericht te kunnen houden.
Al deze voorstellen werden echter van tafel geveegd, zodat toen in augustus 1914 de Eerste Wereldoorlog uitbrak, de meeste piloten slechts naar hun vijanden konden zwaaien. Veel toestellen van de geallieerden waren echter van het reeds verouderde 'duwtype', waarbij de staart bijeengehouden werd door stijlen en de motor en propeller zich achter de inzittende(n) bevonden. Hierdoor kon een machinegeweer in de neus aangebracht worden. Op 5 oktober 1914 schoot de waarnemer van een franse Voisin met zijn Hotchkiss-machinegeweer in de neus een Duitse Aviatik tweedekker neer. Sommigen zagen dit als 'onsportief'.
Drie dagen later wierpen twee kleine Sopwith Tabloid tweedekkers van de Britse Royal Naval Air Service (RNAS) lichte bommen af boven Duitsland, waarbij er één een zeppelin in zijn hangar in Düsseldorf vernietigde. Zes weken later gooiden drie Avro 504's van de RjNAS twintigponders (9-kg bommen) op zeppelins in Friedrichshaven. Ondertussen bouwde Igor Sikorky in de Sovjet-Unie enorme viermotorige bommenwerpers die verdedigd werden door machinegeweerschutters. De zeppelins zelf ondernamen, als vergelding voor de Britse aanvallen in de nacht van 18 januari 1915, talloze bombardementen op Engeland.

LuchtverdedigingEdit

Het was duidelijk dat er dringend behoefte was aan luchtverdediging door jagers. De Britse piloten ondervonden dat het moeilijk was om boven de luchtschepen te klimmen om zo hun kleine bommen op ze te kunnen laten vallen. Op 9 juni 1915 trotseerde kapitein-vlieger 3de klasse Warneford van de RNAS het vuur van defensieve machinegeweerschutters om zes bommen om een zeppelin te kunnen afwerpen. Vijf misten, maar de zesde trof doel. Er ontstond een gigantische vuurbal die Warnefords kleine Franse Morane-Saulnier eendekker op zijn kop wierp. Ook al had de aanval de Britse jager in groot gevaar gebracht, vanaf dat moment was het luchtruim een hachelijke plek geworden voor luchtschepen.

OnderscheppingsuitrustingEdit

In april 1915 bevestigde Roland Garros, een testpiloot van Morane-Saulnier maar inmiddels in dienst bij de Aviation Militaire, ruwe stalen wiggen aan zijn propeller. Hierdoor kon hij voorwaarts vuren met zijn machinegeweer door het vliegtuig op het vijandelijke vliegtuig voor zich te richten, precies zoals de vooroorlogse ontwerpers hadden bedacht. Binnen enkele dagen schoot Garros vier Duitse toestellen neer, voordat hij zelf werd neergeaald door grondvuur. Zijn Morane-Saulnier Type N werd door de Duitsers onderzocht. Zij brachten hun bevindingen direct over aan vliegtuigbouwer Anthony Fokker om het idee te kopiëren.
Fokker deed het beter: hij bedacht snel een onderbrekingsmechanisme, identiek aan de voorstellen die inmiddels in de geallieerde archieven onder een dikke laag stof waren beland. Op 15 juli 1915 gebruikte een Duitse piloot Fokkers systeem voor het eerst om een vijand neer te schieten. Al gauw berichtten de geallieerde kranten over 'de gesel van Fokker' en brachten verhalen over de vele Britse toestellen die neergeschoten waren door de wendbare eendekkers met hun dodelijke voorwaarts vurende machinegeweren. Slachtoffers werden 'Fokkervoer' genoemd.
Gaandeweg zag men in dat het enige succesvolle gevechtsvliegtuig een klein toestel was met voldoende snelheid om vijanden te kunnen pakken, met genoeg wendbaarheid om kleinere bochten dan de vijand te maken en met een machinegeweer dat recht vooruit vuurde. Dit zijn sindsdien basiseisen gebleven, hoewel er nog vele bij zijn gekomen. Zo moet het casco van een jager sterk genoeg zijn om opgewassen te zijn tegen heftige manoeuvres en indien mogelijk zouden er veel spanten moeten zijn zodat als een kogel inslaat, de rest van het casco niet bezwijkt. De piloot moet het best mogelijke zicht hebben en zeker in staat zijn om te kunnen zien of er een vijandelijk toestel van achteren nadert. En natuurlijk moet een gevechtsvliegtuig naast vlug en wendbaar,ook veilig zijn.

GevechtskrachtEdit

In vergelijking met andere vliegtuigen van soortgelijke afmeting of gewicht, hebben gevechtsvliegtuigen grotere en krachtiger motoren. De eerste jagers hadden de keuze tussen twee basistypes. Veel toestellen van de geallieerden hadden compacte rotatiemotoren, met een vermogen van 100 tot 130pk (75 tot 97 kW). Van voor naar achteren maten ze amper dertig centimeter en zorgden er derhalve voor dat een jager zowel licht als uiterst wendbaar was. Daarentegen hadden de meeste Duitse jagers lijnmotoren met zes cilinders. Zulke motoren hadden meestal meer dan 200 pk (149 kW), maar waren ongeveer 1,8 meter lang en veel zwaarder dan de rotatiemotoren. Daar kwam bij dat de cilinders gekoeld werden door circulerend water, zodat een kogel door de radiateur of waterleiding meestal een gedwongen noodlanding tot gevolg had.

Vleugels en wapensEdit

Hoewel de eerste effectieve jager de Fokker Eindecker was, waren bijna alle vroege jagers compacte tweedekkers die vaak als sterker werden gezien. Enkele operationee jagers waren driedekkers.
Van 1915 tot 1935 bestond de standaardbewapening van de jagers vrijwel altijd uit twee voorwaarts door de propellerbaan heen vurende machinegeweren. Sommige vroege Fokker eendekkers hadden drie machinegeweren, maar dat bleek te zwaar. Ook waren sommige toestellen met Hispano-Suiza motoren bewapend met een groot boordkanon. Het kanon was tussen, de linker- en rechter cilinderblokken geplaatst en de loop stak door de propellernaaf.
Hoewel de meeste jagers eenzitters waren, hadden sommige een waarnemer in de achtercockpit. Vanaf 1915 beschikte deze waarnemer altijd over minimaal één machinegeweer. Dit wapen was flexibel gemonteerd zodat hij kon richten op een toestel dat van achter probeerde aan te vallen. Een van de eerste tweezitters van dit type droeg de vreemde naam Sopwith 1 1/2-Strutter. De latere Bristol Fighter beleefde enkele desastreuze eerste weken, totdat zijn piloten leerden hem als eenzitter te vliegen, en de voorste mitrailleurs) te richten. De taak van de waarnemer werd vooral die van het bieden van zelfverdediging.

Ad blocker interference detected!


Wikia is a free-to-use site that makes money from advertising. We have a modified experience for viewers using ad blockers

Wikia is not accessible if you’ve made further modifications. Remove the custom ad blocker rule(s) and the page will load as expected.

Around Wikia's network

Random Wiki