Wikia


SdKfz 11
11

Een SdKfz 11/5

Type Lichte halftrack voor algemeen gebruik
Land van herkomst Duitsland
Bouwfirma Hanomag, Adlerwerke, Horch, Škoda, Borgward AG
Ontwerp Ernst Kniepkamp
Productie (ontwerp / productie / in dienst) 1934-1938 / 1938-1945 / 1938-1945.
Gebruiker(s) Duitse leger
Specificatie

Afmetingen (lengte / breedte / hoogte) 5,5 m. / 2 m. / 2,15 m.
Gewicht 7100 kg.
Motor(en) Maybach HL42 TRKM 6-cilinder watergekoelde benzinemotor van 74,6 kW (100 pk)
Prestaties (snelheid / bereik) 53 km/u / 122 km. (240 km op de weg).
Bewapening geen
Doorwaaddiepte
Hellingshoek
Verticaal obstakel
Overschrijdend vermogen
Bemanning 2 + 7
Gebouwd 9000
Gebruik (Landen) Duitsland

Het begin van de ontwikkeling van de SdKfz 11 Leichter Zugkraftwagen 3t was moeizaam, de eerste versies die begin 1934 verschenen werden zowel door Hansa-Lloyd als door Goliath gebouwd. Later fuseerden deze firma's tot borgward AG. De ontwikkeling van de artillerietrekker kwam toen in handen van Hanomag te Honnover. Pas in 1939 kwam de productie van de SdKfz 11 leichter Zugkraftwagen goed op gang.

Het basismodel was in de eerste plaats bedoeld als artillerietrekker. Eenmaal in dienst werd het de standaardtrekker voor de Schwere Feldhaubitze 18 veldhouwitsers. Later werd het voertuig gebruikt om het 7,5 cm Pak 40 antitankgeschut te trekken. De SdKfz 11 was zó succesvol als trekker voor de leFH 18 batterijen, dat de productie van de SdKfz 6,Mittlerer Zugkraftwagen 5t, die ook bedoeld was om deze houwitsers te trekken, gestaakt werd ten gunste van de lichtere en minder dure trekker. SdKfz 11 trekkers werden ook door de Luftwaffe wel gebruikt om licht luchtafweergeschut te trekken, zoals de 3,7-cm Flak 36 en 37, maar de SdKfz 11 werd hier vooral bij Nebelwerfer-batterijen ingezet. De SdKfz 11 trok niet alleen verschillende lanceerders bestaande uit vele buizen, maar vervoerde ook de reserveraketten, lanceerframes voor statisch opgestelde lanceerders en de bemanningen. Enkele versies van de SdKfz 11 (de SdKfz 11/1 en de SdKfz 11/4) werden uitgerust met rookgeneratoren, maar die werden gewoonlijk verwijderd als de voertuigen voor het transport van de lanceerders werden ingezet. De modellen met rookgenerator hadden slechts een tweekoppige bemanning, terwijl de trekkerversie negen man kon nemen.

Twee varianten werden ontwikkeld voor chemische oorlogvoering, namelijk de SdKfz 11/2 en de SdKfz 11/3. Deze voertuigen konden meer uitrusting en ontsmettingsmiddelen meevoeren dan de SdKfz 10, en waren bedoeld om te worden ingezet in combinatie met tanks. De weinige exemplaren die gebouwd werden, zijn waarschijnlijk omgebouwd tot normale trekkers.

Enige tijd werd de SdKfz 11 in verschillende fabrieken tegelijk gebouwd. Het model bleef tot het eind van de oorlog in productie, uiteindelijk alleen nog bij Auto Union te Chemnitz. Ook de Borgward fabriek in Bremen had moeten doorproduceren, maar deze was door luchtaanvallen beschadigd en maakte alleen nog onderdelen. In het ontwerp werden enkele veranderingen aangebracht om productie makkelijker te maken. De metalen opbouw van de eerste series werd vervangen door een houten carosserie. Om de actiradius te vergroten, nam bij latere versies de tankinhoud, die 110 liter bedroeg, nog toe. In 1945 was de behoefte aan allerlei materieel dermate groot dat SdKfz 11 trekkers veel zwaardere artillerie moesten slepen dan waarvoor ze ontworpen waren. Zo werden ze gesignaleerd voor het grote 88-mm Pak 43 & Pak 43/41 antitankgeschut.

Varianten

  • SdKfz 11: Basisversie.
  • SdKfz 11/1: Versie met de neus van een Sd.Kfz. 251 en uitgerust met een 2-cm Flak 38 kanon.
  • SdKfz 11/2: Uitgerust als ontsmettingsvoertuig met acht vaten ontsmettingsmiddel en een bemanning van drie.
  • SdKfz 11/3: Deze versie was uitgerust met een tank van 500 liter en een spuitsysteem om gifgasbarrières neer te leggen. Het sproeimondstuk zwaaide heen en weer om een breedte van 16 meter te overbruggen. 125 werden gebouwd in 1937.
  • SdKfz 11/5: Een SdKfz 11/4 met een laadbak in twee delen.

Links